museum-romagne-jean-paul-de-vries-94Het lijkt of de bossen rondom Romagne-sous-Montfaucon niks van de oorlog willen weten. Elke dag spuugt de aarde spullen uit de Eerste Wereldoorlog uit: bommen, geweren, helmen. Ook de getuigen van het dagelijkse, persoonlijke leven komen naar boven: kammetjes, munten, bestek, zakhorloges. Al sinds 1976 zoekt en vindt Jean-Paul de Vries deze zaken.

In zijn informele museum Romagne ’14-’18 stelt hij natuurlijk de geweren, de bajonetten en de kogels tentoon, maar Jean-Paul de Vries houdt van de vondsten die getuigen van het alledaagse leven. Hij wil juist dat alledaagse, gewone leven van de soldaat uit de Eerste Wereldoorlog laten zien. Zo hoopt Jean-Paul je te laten beseffen hoe gruwelijk oorlog is. Oorlog die werd en wordt uitgevochten door gewone jongens en meiden.

Alle objecten in de permanente expositie zijn door Jean-Paul de Vries zelf gevonden in een straal van 5 à 6 kilometer rondom zijn informele museum in Romagne-sous-Montfaucon. Elk object is door de vingers van Jean-Paul gegaan en heeft zijn eigen verhaal. Een verhaal dat hij indringend weet over te brengen.

Mens in oorlog – nieuwe expositie 2020

Per 20 februari 2020 is de nieuwe expositie op de bovenste verdieping van het museum geopend. Vanaf nu zal er jaarlijks, naast de vaste expositie, een nieuwe tentoonstelling worden ingericht met een speciaal thema.

Het thema van seizoen 2020 is ‘Mens in oorlog’. Soldaten zijn in een oorlog niet alleen bezig met vechten, wapens en loopgraven. Hun enige houvast aan de realiteit buiten de oorlog is het thuisfront. Want behalve soldaat zijn zij echtgenoten, vaders en zonen, met hun eigen emoties. Hoe verwerken ze de verschrikkingen en de ontberingen die ze meemaken? Hoe houden ze het vol om zo lang van hun geliefden weg te zijn? Ze dragen foto’s bij zich en geluksamuletten, die zij meekregen bij vertrek. Ze schrijven brieven naar huis en kijken uit naar een teken van leven terug via een goed georganiseerde veldpost. Ook met Kerst worden er pakketjes bezorgd, zoals een paar warme gebreide sokken, tabak en dominostenen.

Ook zijn ze veel van hun tijd bezig met elkaar. Muziek maken en spelletjes doen, zorgen voor afleiding. Drank en tabak verdoven de geest en verdrijven de barre omstandigheden: kou, honger, angst… Broederschap en vriendschap spelen een belangrijke rol. ‘Brothers in arms’ verworden tot een nieuwe familie.

Veel mannen gaan de verveling tegen door zichzelf creatief bezig te houden. Ze maken kunst uit oorlogstuig, gevonden op het slagveld, hout- en steensnijwerkjes, zoals een versierde wandelstok, beeldjes en asbakken. Of ze maken potloodschetsen van de omgeving, van dorpen waar ze zijn gelegerd. De liefde voor het gebied, ondanks de oorlogssituatie, valt hieraan af te zien.

Ook trekken ze zich het lot aan van de bewoners in de bezette gebieden. Een bijzondere getuige hiervan is een hartje, gemaakt uit een zinken plaat. Hierop staat geschreven: ‘Simone Lotte – Romagna sous Montfaucon – 7 jaar oud in 1918’, gemaakt door een Duitse bezetter. In de jaren ’90 van de vorige eeuw is dit gevonden in de akkers rondom Romagne, drie maanden na haar overlijden in het dorp Montfaucon, op 10 kilometer afstand. Het verhaal hierachter zal helaas altijd een mysterie blijven.
Ook noemenswaardig is het verhaal van madame Michel, geïnterviewd op haar 91e. Zij vertelt over een Duitse soldaat die haar veel te kleine schoentje opensneed, zodat haar teentjes weer ruimte hadden. Thuis kreeg ze op haar kop, omdat de schoentjes nog voor haar zusje waren bedoeld. Voor haarzelf woog dit echter niet op tegen de opluchting van het lopen op veel te kleine schoenen.

In 1915 introduceren de Duitse soldaten in Romagne voor het eerst Kerstmis met kaarsjes in dennenbomen in een grote schuur. Alle dorpskinderen zijn aanwezig voor een vredig samenzijn.

Ook zijn er unieke foto’s te zien, die onlangs in bezit van het museum zijn gekomen. Ze zijn gemaakt van en door de Duitse Bruno Kühling uit Possenhain, die was gelegerd in het naburige dorp Cunel en onder Verdun. De beelden tonen onder meer ‘porta lager’ in Cunel en artillerieposities in de sneeuw bij Verdun. Bruno was samen met zijn broer, 2 andere familieleden en 80 mannen uit zijn dorp opgeroepen voor de oorlog. Het dorp telde nog geen 500 inwoners…